Voorpagina Wat is Doorbraak? Doorbraak artikelen Kort actueel Tussendoor e-zine Dossiers Abonneren Gratis 3 maanden Colofon Contact

Zoeken:

De efficiëntie van onze overheden

01-12-2004 / Dirk Laeremans

Tijd dus voor een stand van zaken. Krijgen wij eigenlijk wel waar voor het vele geld dat we als belastingbetaler in onze overheid stoppen? Ook inzake overheid kan de prijs-kwaliteitsvergelijking worden gemaakt worden.

De overheid wordt duurder

Eerst even naar wat cijfers kijken in België. Hoeveel mensen werken er in de vrije markt en hoeveel mensen zijn er rechtstreeks afhankelijk van de overheid (en dus van de belastingbetaler) voor hun inkomen. Men hoeft geen kerngeleerde zijn om de cijfers op zijn minst gezegd “merkwaardig” te vinden.

Voor België als geheel is de overheidstewerkstelling gegroeid van 31 tot bijna 35% over de jongste 20 jaar. Het is een fenomeen dat zich in heel wat Westerse economieën voorgedaan heeft. In de verenigde Staten is het cijfer in diezelfde 20 jaar echter gezakt van iets over 23% tot 19%. Maar daar zijn sectoren zoals onderwijs en gezondheidszorg geheel of gedeeltelijk geprivatiseerd.

Bekijken we het communautair, dan valt op hoe slecht Wallonië uit de vergelijking komt. In Vlaanderen werkt zo een 30% van de gesalarieerden in overheidsdienst, in Wallonië is dat 42%, in Brussel 38%. Die verhouding was 20 jaar geleden duidelijk beter met respectievelijk 28, 34 en 34%. Vooral in Wallonië heeft men overheidsbanen gecreëerd en zo de verhoudingen scheef getrokken. Overheidsbedrijven zoals de Post en Belgacom worden in deze telling bovendien niet als overheid, maar als privé gerekend.

Relatief gezien is de overheid voor de burger de afgelopen 20 jaar dus behoorlijk wat duurder geworden. In 2002 telde België 80% meer ambtenaren dan in 1982 en zelfs 130% meer dan in 1973.

[grafiek 1 overheidstewerkstelling.jpg. Onderschrift: de groei van de overheidstewerkstelling in België. Bron RSZPPO 2004]

Ook opvallend is het feit dat de afgelopen 20 jaar de werkgelegenheid – het aantal voltijdse banen – in de privésector alleen in Vlaanderen gestegen is. In Wallonië en Brussel verminderde ze. De werkgelegenheid in de overheidssector ging er in de drie gewesten op vooruit, in Vlaanderen nog het meest. Van een “inhaalbeweging” in Wallonië is er noch de jonste 20, noch op de jongste 5 jaar ook maar enig spoor te bespeuren.

Wat doen al die extra ambtenaren?

In Vlaanderen is de toename van het aantal overheidsbanen vooral duidelijk in de gezondheidszorg, welzijn en – de jongste jaren meer en meer – de socio-culturele sector.

In de gezondheidszorg is dat allicht te begrijpen met de voortschrijdende veroudering en de stijgende factuur van de ziektekosten. Ook recent werden nog nieuwe aanwervingen beloofd. En zorg is nu eenmaal iets dat moeilijk te automatiseren valt. Met de demografische evolutie in het achterhoofd, zal het moeilijk worden om die evolutie om te keren.

Verrassend is echter de sterke groei in de socio-culturele sector de jongste 20 jaar. In die sector verdubbelde de Vlaamse overheidstewerkstelling van 158.000 tot 320.000 voltijdse eenheden. Een kwart van het overheidspersoneel werkt op dit moment reeds in de socio-culturele sector.

[grafiek 2: sociocultureel.jpg onderschrift: de opgang van de socio-culturele sector. Bron RSZPPO 2004] [deze grafiek mag wegvallen indien te weinig plaats]

Dit is op z’n minst gezegd een merkwaardige evolutie. Wat hebben al die inspanningen opgeleverd? Is het cultureel bewustzijn en de culturele consumptie gegroeid? Hebben de politici jobs gemaakt? Of heeft de overheid een groeiende nood aan ambtenaren, straathoekwerkers en vrijgestelden om politiek gewenste meningen te helpen verspreiden? Allicht voer voor verder onderzoek.

Hoe goed scoort onze overheid?

Maar laten we even kijken naar het resultaat van al die overheidsinspanningen. Hoe goed scoort België internationaal? Helaas hebben we in dat verband alleen Belgische cijfers. Maar die zijn wel leerrijk.

Het World Economic Forum brengt elk jaar een internationaal vergelijkend onderzoek over de concurrentiekracht van de verschillende staten. Het is op dit moment min of meer het meest gezaghebbende onderzoek in dat verband. Ook de Wereldbank, de Oeso, de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank publiceren regelmatig rapporten die de kwaliteit van de landen, hun economieën en hun overheid in kaart brengen.

Wat blijkt alvast uit die rapporten? Dat België steevast níet tot het koppeleton van competitieve naties behoort. Het World Economic Forum geeft België een 25ste plaats op de 104 onderzochte landen. Vóór Frankrijk en Luxemburg, maar achter Spanje, Portugal, Chili, en de Verenigde Arabische Emiraten. Opvallend daarbij is dat de concurrentiekracht van het Belgische bedrijfsleven (en dus niet de gehele natie) een veel betere 15e plaats bekleedt. De overheidsdiensten scoren dus allicht een stuk lager dan die 25ste plaats.

De Europese Commissie levert jaarlijks een verslag over de economische situatie in de verschillende deelstaten en forumuleert aanbevelingen. Het is opvallend dat de Commissie daarbij de jongste jaren België systematisch aanmaant “to improve the efficiency of the public administration”, een zinsnede die nauwelijks bij andere landen gebruikt wordt.

De Europese centrale bank levert ook jaarlijks een werkstuk af waarin het de lidstaten scores en rankings geeft. Die scores zijn gebaseerd op een korf van indexen zoals corruptie, red tape, kwaliteit van gerecht, onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur,...

Uit deze vergelijking blijkt alvast dat België van de 15 EU-landen slechts een miserabele 11e plaats bekleedt wanneer de performantie van het overheidsapparaat bekeken wordt. Wanneer ook onderwijs en gezondheidszorg meegerekend worden – domeinen waarin we traditioneel sterk staan – geraken we amper aan een 9e plaats. Alleen op het domein van de kosten zitten we met een 5e plaats (48% van het BBP) in de eerste helft van het Europese peleton.

[tabel 1 overheidskwaliteit.jpg Onderschrift: Europa is niet mals voor de kwaliteit van de overheidsadministratie in België. Bron: Europese Centrale Bank & Leuvense Economische Standpunten]

Ook naar het vertrouwen van de burger in de overheid werd onderzoek gedaan. Subjectieve kwaliteit, zo noemt men dat in professorenkringen. Als het van de burgers afhangt, is België alvast dik gebuisd. Met een dertiende plaats – alleen gevolgd door Italië en Griekenland – weet de Belgische overheid weinig onderdanen te overtuigen van haar bestuurlijke kwaliteiten.

Zijn wij kniezers?

We hebben het zo goed en toch klagen we steen en been. Wij zijn een volk van ondankbare kniezers. Dat is althans de teneur van nogal wat beleidsmakers en politici. Uiteraard vooral van diegenen die de afgelopen decennia het beleid gemaakt hebben.

Laten we die kniezers nog eens verder ontleden. Als we dieper graven naar het vertrouwen in de verschillende instellingen, blijkt de Belg kieskeurig te zijn in zijn wantrouwen. Het lijkt alvast te wijzen op het feit dat de Belg niet in sé een negativist is. Gezondheidszorg en onderwijs, twee sectoren waar ook internationale studies aantonen dat we goed werkende systemen hebben, kunnen wel degelijk op het vertrouwen van de burger rekenen.

[tabel 2 vertrouwen.jpg De Belg is kieskeurig is zijn vertrouwen of wantrouwen van de overheid. Bron: Leuvense Economische Standpunten]

Als de Belgische burger en internationale vergelijkingen mekaar gelijk geven, dan is het misschien niet ondenkbaar dat de Belgische politieke klasse ongelijk heeft met haar houding dat de burgers “ondankbare kniezers” zijn. Misschien denkt de burger wel dat we het goed stellen ondanks ons overheidsapparaat.

De naakte cijfers van betrouwbare, internationale instellingen lijken de burgers alvast gelijk te geven in zijn wantrouwen. In vergelijking met de ons omringde landen betalen we teveel voor onze overheid en krijgen we er te weinig kwaliteit voor in de plaats.

Het zal de lezers van Doorbraak allerminst verbazen dat wij de oorzaak daarvan vooral zoeken in een inefficiënt Belgisch niveau. Is het toeval dat het vooral de Begische beleidsdomeinen zijn die ondermaats presteren?

De vraag is hoe lang we ons in een vergrijzende samenleving nog een 3e klasse overheid kunnen veroorloven. Wie op dat probleem een antwoord wil geven zónder België verregaand uit elkaar te halen, zal dringend uit zijn schulp moeten komen.

Verwijzingen:

Het world economic forum: http://www.weforum.org Leuvense Economische Standpunten: http://www.econ.kuleuven.ac.be/eng/ew/les Rijksdienst voor sociale zekerheid: http://www.hiva.be/publicatie/nl/2739/publicatie Oeso: http://www.oecd.org

Extra informatie

Bijlage: PDF-bestand artikel (0 Kb)


Reacties

Reageer op dit artikel

Terug naar de artikelenlijst.