Hoe Brussel en Vlaams-Brabant van de verdwazing redden?

De verklaring van Frans Crols, dat ‘Vlaanderen Brussel moet loslaten’ heeft een storm van protest uitgelokt. Ik zal me niet in het debat mengen. Maar, hoe en wanneer heeft Vlaanderen Brussel in zijn bezit gehad? De verwijzing naar de ‘oude Dietse’ stad is weinig relevant. Brussel is wel van oudsher een ‘Brabantse’ stad. Maar een ‘Vlaamse’? Omdat het gewone volk er vroeger de taal van ‘t Ketje sprak? Een heel erg zwak argument. Men kan dan eerder Rijsel een Vlaamse stad noemen. Brussel heeft nooit tot Vlaanderen behoord en is nu een apart gewest. Hoe kan men loslaten wat men nooit heeft bezeten? Maar veel Vlamingen houden van de mythe. Voor- noch tegenstanders van het ‘loslaten’ maken trouwens duidelijk wat ze met ‘Brussel’ bedoelen. Is het de leeuwenvlag op een binnenplein in de buurt van de Nieuwstraat? Zijn het de bureauwijken van de Albert II-laan? De jaarlijkse 11 juliviering op de Grote Markt? Of bedoelen ze soms de huidige Brusselse bevolking? Deze bestaat, volgens een recente demografische studie voor meer dan 50% uit mensen van vreemde origine. De helft van de Brusselaars kent Vlaanderen bijgevolg nauwelijks of niet. En de andere helft is hoofdzakelijk Franstalig. Is dat de hoofdstad van Vlaanderen? Is er één Brusselaar die zich hoofdstedeling van Vlaanderen voelt? De Vlaamse aanwezigheid bestaat grotendeels uit de recente inwijking van pendelaars die om den brode naar Brussel zijn afgezakt. De Vlaams kolonie is slechts een van de 45 nationaliteitengroepen die de bonte Brusselse wereld vormen. Brussel een Vlaamse stad? De grenzen
Het is ook een raadsel waarom velen zich geroepen voelen om hun frustratie over de het bescheiden formaat van de- ‘Europese hoofdstad’ om te zetten in grootse visies. De werkgeversorganisaties – zoals het Vlaamse VOKA – zien ‘Groot-Brussel’ als een metropool van 81 gemeenten, de professoren van Brusselsstudies, menen dat het er maar 36 zijn, Marc Reynebau daarentegen komt in zijn ‘grondige studie’ over het Brusselse probleem uit op een geheel van 62 gemeenten en Guido Fonteyn trachtte in De Standaard iedereen ervan te overtuigen dat eenvierde van België tot de Brusselse agglomeratie behoort. Of het opbod over de grootte van Brussel wat dan ook te maken heeft met de realiteit op het terrein, laat de auteurs koud. En blijkbaar kan het hen niet schelen dat een uitbreiding van Brussel tegelijk de inkrimping van Vlaanderen betekent. De houding van vele Vlaamse politici en Vlaamse Bewegers is erg dubbelzinnig. Enerzijds eisen ze het eigendomsrecht van de hoofdstad op. Maar anderzijds heeft men geen scheldwoorden genoeg om het ‘arrogante’ Brussel te bedreigen, te kleineren en af te remmen. Het is symptomatisch voor de houding van Vlaanderen. Men gaat het Brusselse probleem met slogans te lijf , maar men doet geen inspanning om dit probleemgeval eens ernstig te bestuderen. Brussel is de voorbije vijftig jaar grondig veranderd. Het Brussel van ’ t Ketje bestaat niet meer. Niet enkel door de aanwezigheid van een half miljoen ‘allochtonen’, maar vooral door de urbanistische verwoestingen. Brussel wordt dag na dag verder gesloopt en zijn bevolking wordt naar de buiten verdreven, hoofdzakelijk naar Vlaams- Brabant. De lezer weze gewaarschuwd: Vlaams-Brabant is niet gered met de splitsing van BHV. Het probleem groeit dagelijks. Oorzaak Wat is de oorzaak daarvan? De motor van de afbraak van Brussel en van het daaraan verbonden overvloei-effect is de overconcentratie van de tertiaire sector. Dat is grotendeels het werk van Vlaanderen. Alle Vlaamse instellingen, de politici in de federale en de gewestregering, de provincie Vlaams-Brabant, de vakbonden, de werkgeversorganisaties, de Gom, de Kamer van Koophandel .... stellen sinds jaren alles in het werk om werkgelegenheid in en rond Brussel te centraliseren. Dat Brussel uit de voegen barst is aan Vlaanderen te wijten. Wat doen de Vlaamse watermaatschappij, huisvestingsmaatschappij en tientallen andere Vlaamse instellingen en ministeries in Brussel? Waarom investeren we niet in eigen regio? Het is deze cruciale vraag die ook Crols terecht stelt. Expresnet Eén voorbeeld. Alle Vlaamse partijen hebben jaren gesmeekt om het GEN, het zogeheten Gewestelijk expresnet, zo vlug mogelijk te realiseren. Het kostte ongeveer 4,56 miljard euro. Dit nieuwe spoorwegnet heeft als enige bedoeling de Brusselse centralisatie te versterken. Vlaanderen heeft 75% van de kosten betaald. Vlaanderen en Wallonië zijn hierdoor gedoemd om de volgende decennia zijn bevolking naar de Brusselse bureauwijken te blijven sturen om er jobs op te nemen die ze evengoed of beter in eigen streek kunnen vervullen. Deze centralisatiepolitiek is het cement van het unitaire België. Het land groeit dus niet uiteen, maar wordt verder aaneen gesmeed. Het is een kleine greep uit de Brusselse problematiek. Stelt zich dan de vraag: hoe kunnen we Brussel en tegelijk Vlaams-Brabant van de verdwazing en de ondergang redden? Velen lijken als gehypnotiseerd door ‘Brussel’. Zoals Manu Ruys reeds vijftien jaar geleden schreef: ‘zij weigeren, zoals de hovelingen en de keizer van Andersen, de dingen te zien zoals ze zijn. Dat soort idealistische verblindheid heeft al veel onheil gesticht.’ Het pleidooi van Crols om te decentraliseren en onze werkgelegenheid over Vlaanderen te spreiden, lijkt me dan ook geen onbezonnen flater. In plaats van hem te verketteren verdient zijn verklaring een sereen en grondig debat. Kan dat in Vlaanderen?Reacties
Terug naar de artikelenlijst.
Brussel "ontvetten"
Paul Van den Bossche op 03-04-10Lees verder...