Transfers? De Vlamingen betalen zich blauw

Over de geldstroom van Vlaanderen naar Brussel en Wallonië zijn al diverse studies gepubliceerd: door Leuvense professoren, door de KBC-studiedienst, door de Vlaamse overheid (Abafim, 2004), door de samenstellers van het Warandemanifest (2005), door de Nationale Bank (2008), door Waalse instellingen professoren... Het Aktiekomitee Vlaamse Sociale Zekerheid (AK-VSZ) voegde zopas met ‘Transfers in de sociale sector, 2003-2007’ (16 oktober 2009) een nieuwe studie aan dat rijtje toe.
Herman Deweerdt kent het dossier als weinig anderen, en beet zich er nog maar eens in vast. Hij kent de argumenten van de twijfelaars. De geldstroom zou ‘objectief verklaarbaar’ zijn, of relatief niet zo belangrijk. Of hij zou in lang vervlogen dagen ‘in omgekeerde richting’ (van Wallonië naar Vlaanderen) hebben gelopen. Hij zou in ‘andere landen nog groter’ zijn (van West- naar Oost-Duitsland), of ‘ook bestaan tussen Vlaamse provincies’, of in een federaal land ‘normaal’ zijn. So what? Dooddoener bij uitstek, en slot op de discussie is voor velen het dogma van de ‘eeuwige solidariteit’. Van Vlaanderen naar Wallonië, wel te verstaan.
Tegenover deze emotionele en politieke argumenten plaatst Deweerdt kurkdroge cijferreeksen. Ook nu weer beet hij zich maandenlang vast in tabellen en zowat alle beschikbare bronnen. Zijn conclusies zijn staalhard: de Vlamingen betalen zich blauw.
1000 of 2000 euro per Vlaming
De Nationale Bank becijferde einde vorig jaar dat 5,8 miljard euro van Vlaanderen naar Wallonië vloeit (DM, 26 sept. 08). Of ongeveer 1000 euro per Vlaming per jaar. Wie ook nog de transfers via afbetaling van intresten op de staatsschuld meerekent, komt aan het dubbel van dit bedrag.
De transfers verlopen in grote lijnen langs drie kanalen (langs de sociale zekerheid, via de financiering van de federale overheid en die van Gewesten en Gemeenschappen). Deweerdt beperkte zijn onderzoek tot de Sociale Sector, d.w.z. de sociale zekerheid (kinderbijslagen, werkloosheid, pensioen, ziekteverzekering, arbeidsongevallen en beroepsziekten) en de sociale bijstand (o.a. maatschappelijke integratie via de OCMW’s, tegemoetkomingen aan personen met een handicap). Een transfer is het verschil tussen bijdragen van en uitkeringen aan de inwoners van een Gewest. M.a.w. volgens het woonplaatsprincipe, een standpunt dat ook de Nationale Bank van België inneemt.
Deweerdt is een ‘cijferfreak’, ging zelf op zoek, werkt transparant en alleen met officiële gegevens (statistieken FOD’s, uitkeringsinstellingen, RIZIV, RVA, RVP,... ) en daagt iedereen uit om het debat te voeren op objectieve gronden. Zijn conclusie is staalhard: de transfers richting Wallonië bestaan al tientallen jaren en blijven zonder splitsing van de sociale zekerheid ongetwijfeld nog tientallen jaren overeind.
Over naar de conclusies (de lezer vindt alle details terug op www.akvsz.org)
- Na een trendmatige groei 1990-2003 is er nog een forse stijging tot 2004, nadien blijven de transfers nagenoeg stabiel. Dat Wallonië het gat dichtrijdt, is een fabeltje. - Het belangrijkste luik waarlangs binnen de sociale zekerheid geld vloeit naar Wallonië is dat van de werkloosheid. De transfer uit Vlaanderen, bedroeg in 1990 slechts 8,4% van de totale transfers. In 2007 is die opgelopen tot 33%.
· Totaal: de transfers in de Sociale Sector (Sociale Zekerheid plus Sociale Bijstand) liepen in 2007 op tot 4,688 miljard euro. Tien procent meer dan in 2003. · Per tak: Vergeleken met 2003 is de geldstroom vanuit Vlaanderen – met uitzondering voor de tak Pensioenen in alle takken fors gestegen. · Kinderbijslagen: +15 procent · Werkloosheid: +25 procent
· Geneeskundige verzorging: +10 procent · Uitkeringen: +12 procent · Pensioenen: - 23 procentDe werkloosheidsgraad bedroeg einde vorig jaar (ILO, vierde kwartaal 2008, www.werk.be) 3,9 procent in Vlaanderen, 10,1 procent in Wallonië en 16 procent in Brussel. De werkzaamheidsgraad bedroeg in Vlaanderen 66,5 procent, in Wallonië 57,2%, in Brussel 55,6% (www.werk.be). Deze zeer uiteenlopende cijfers bestaan al lang; de verschillen namen de laatste jaren nog toe; en zullen nog lang bestaan. Het is dus niet moeilijk om te begrijpen dat de sociale uitkeringen in Wallonië groter zijn dan wat de Walen hiervoor bijdragen. Dit zijn nu net de transfers.
Transfers concreet
Deweerdt probeert aan de bedragen van de transfers ook een praktische betekenis te geven. ‘Het is niet aan ons om te bepalen waar na een splitsing van de sociale zekerheid het geld van de transfers moet worden aan besteed. Dat is een onderwerp van debat voor politici, sociale partners, belangengroepen’. Toch geeft Deweerdt, bij wijze van voorbeeld, een aantal interessante mogelijkheden, per tak netjes becijferd op basis van 2007. We geven ze in crescendo:
Kinderbijslagen: 412 miljoen. Goed voor meer dan twee maanden kinderbijslag voor alle kinderen.
Pensioenen: 673 miljoen. Goed voor één maand extra pensioen voor alle gepensioneerden of 950 euro per jaar aan ieder van hen.
Ziekteverzekering (geneeskundige verzorging): 1.214 miljoen. Goed om remgeld af te schaffen, voor de bouw van vijftig nieuwe rust- en verzorgingstehuizen, voor verhoging met 50% van de uitkeringen in de Vlaamse Zorgverzekering.
Ziekteverzekering (uitkeringen): 340 miljoen. Hiermee kunnen we de uitkeringen voor arbeidsongeschiktheid, invaliditeit, moederschap en borstvoeding met 15% verhogen.
Werkloosheid: 1.364 miljoen (in 2007). Met de transfers in deze tak hadden we in de voorbije twintig jaar een Goudfonds kunnen oprichten. Vandaag zou hierin al meer dan 20 miljard zitten. Mogelijke besteding: opleiding werklozen, vermindering arbeidskosten, etc...
Besluit
‘Het is onaanvaardbaar dat de Vlamingen in het licht van de stijgende kosten van de vergrijzing die jaarlijkse aderlating van 4,7 miljard euro (alleen al in de sociale sector) moeten blijven ondergaan en bovendien nog flink moeten meebetalen in de sanering van de federale begroting’, besluit Deweerdt. ‘Hiermee kunnen we in Antwerpen ieder jaar Lange Wapper en een lange tunnel bouwen. Dit is dagelijks het dubbele van wat 11.11.11 ieder jaar met de edelmoedige inzet van 20.000 medewerkers bijeenscharrelt.
De studie van AK-VSZ is te vinden op de website www.akvsz.org
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.