Voorpagina Wat is Doorbraak? Doorbraak artikelen Kort actueel Tussendoor e-zine Dossiers Abonneren Gratis 3 maanden Colofon Contact

Zoeken:

Pesten in de Wetstraat

02-06-2008 / Bart Maddens


Er is al heel wat te doen geweest over de Gravensteengroep. Dat een aantal bekende progressieven de uitgesproken Vlaamsgezinde manifesten van de groep mee heeft ondertekend is ongetwijfeld uitstekend nieuws. Maar daarnaast zijn de manifesten ook inhoudelijk vernieuwend. Zo introduceert de Gravensteengoep de notie van de “politieke solidariteit”. Economische solidariteit is volgens de groep maar aanvaardbaar in de mate dat daar ook politieke solidariteit tegenover staat.

Politieke solidariteit kan worden beschouwd als een vorm van respect voor de bekommernissen en de gevoeligheden van de verschillende partners in een samenlevingsverband. Wie dit respect niet kan opbrengen, ondergraaft daarmee onvermijdelijk het maatschappelijke draagvlak voor de economische solidariteit.

Hatelijk

Om te leren wat politieke solidariteit zeker niet is, volstaat het af en toe de Franstalige pers te lezen. Dat die pers de communautaire problematiek vanuit een Franstalig perspectief bekijkt en daarbij vooral de Franstalige belangen behartigt, is op zich normaal. Minder normaal is echter het hatelijke anti-Vlaamse toontje waartoe de Franstalige journalisten zich maar al te vaak laten verleiden.Wie geregeld de Franstalige pers leest, ontwikkelt al snel een dikke huid. Maar zelfs dan nog val je soms omver van het niveau van hatelijkheid dat sommige journalisten bereiken.

Neem nu het magazine Le Vif-L’Express van 4 april. Daarin maakt Pierre Havaux zich drie pagina’s lang vrolijk over het geringe succes van een hele reeks initiatieven van de Vlaamse regering om op een vriendelijke manier het gebruik van het Nederlands in de Vlaamse Rand te bevorderen. Onder de titel Les ratés de la machine à flamandiser worden de initiatieven geridiculiseerd en verdacht gemaakt, als ging het om een vorm van etnische zuivering.

Zo is er een campagne om de mensen ertoe aan te zetten Nederlands te spreken in de winkel, waarbij ze via een systeem van stempeltjes een luxeweekend kunnen winnen. Maar niet zonder leedvermaak stelt Havaux vast dat slechts 4,6% van de winkeliers in de Rand willen meedoen aan de actie, en dat er ook bij de klanten nauwelijks belangstelling voor bestaat. Hij kopt dan ook triomfantelijk: ‘Parler flamand au magasin: le grand flop’.

Vlaamse pers

Is de Vlaamse pers dan niet kritisch tegenover Franstalig België? Natuurlijk wel, maar ik kan me niet voorstellen dat de Vlaamse journalisten ooit op zo een vilein en treiterig toontje zouden schrijven over, zeg maar, de hoge werkloosheidscijfers in Wallonië. Vlaanderen lijkt eerder last te hebben van een teveel aan inlevingsvermogen.

Separatisme

De Vlamingen hebben zoveel begrip voor de Waalse economische problemen dat ze, nog vóór de gesprekken over de staatshervorming goed en wel waren begonnen, al hebben verzekerd de transfers onaangeroerd te zullen laten. Ze kunnen zich zo goed inleven in de Franstalige “verlatingsangst” dat ze zich van meet af aan hebben uitgesloofd om elke vorm van separatisme radicaal van de hand te wijzen. En dat terwijl het dreigen met separatisme en met het stopzetten van de transfers juist noodzakelijke hefbomen zijn om de gewenste grote staatshervorming te realiseren.

Het is jammer dat zulke dreigementen überhaupt nodig zijn, maar dat is net het gevolg van het gebrek aan politieke solidariteit langs Franstalige kant. Wanneer de bevolkingsgroep die 60% van het land uitmaakt vrijwel unaniem een aantal eisen stelt inzake een nieuwe staatshervorming, dan hoeft de minderheidsgroep zich daar inderdaad niet zomaar bij neer te leggen. Maar het minste wat je dan toch zou mogen verwachten, is dat die minderheidsgroep daarover op een ernstige en constructieve manier onderhandelt. En dat is nu net wat de Franstaligen niet hebben gedaan.

Uitgerookt

Wie het boek De zestien is voor u heeft gelezen zal Bart De Wever zeker geen ongelijk geven als hij stelt dat de Vlamingen zijn uitgerookt door de Franstaligen. De Vlaamse politici werden een half jaar lang aan het lijntje gehouden, tot op het punt dat de Vlaamse publieke opinie het beu werd, en zich tegen de eigen politici begon te keren.

Scholen hebben tegenwoordig een ‘pestactieplan’. Daarbij leren de kinderen dat ze wel mogen plagen, maar dat plagen pesten wordt wanneer de andere te kennen geeft het niet meer leuk te vinden. En wie volhardt in het pesten, die wordt onverbiddelijk van school gestuurd.

Het mag duidelijk zijn dat de Franstaligen het stadium van het plagen al lang voorbij zijn. Hun agressieve verfransingspolitiek in de Rand, de manier waarop ze hun internationaal netwerk gebruiken om Vlaanderen in het buitenland te bekladden, hun verrottingsstrategie inzake de staatshervorming: dat alles is politieke pesterij van het ergste soort. En toch is de kans klein dat Vlaanderen een einde zal maken de economische solidariteit. Want zoals bekend zijn het vaak de ergst gepeste kinderen die het meest geneigd zijn om hun lot lijdzaam te ondergaan.

Reacties

Reageer op dit artikel

Terug naar de artikelenlijst.