OVV wil Vlaams belang ruimere dimensie geven
Twee jaar heeft hij erg intensief gewerkt voor het Vlaams belang, en dat kruipt in de kleren. Eric Ponette zette op 17 november een punt achter zijn mandaat van OVV-voorzitter. Hij was al langer actief in het OVV, als voorzitter van het Vlaams Geneeskundigenverbond (VGV) en afgevaardigde van het Aktiekomitee Vlaamse Sociale Zekerheid (AKVSZ). De Gentse professor Boudewijn Bouckaert wordt de nieuwe voorzitter, stelt straks zijn dagelijks bestuur samen en neemt de OVV-fakkel over voor twee jaar. Doorbraak ging luisteren naar het laatste woord van ‘voorzitter’ Ponette.
Het OVV komt op 6 december bijeen voor een Staten-Generaal. Wat wil je met dit slot-initiatief nog bereiken?
Twee zaken. Eén: de actuele doelstellingen van het OVV beter leren kennen aan leden van de eigen lidverenigingen, politici en pers. En twee: de Vlaamse politici hoogdringend oproepen om een breed Vlaams front te vormen om onze eisen te verwezenlijken.
Jullie willen de Vlaamse verkiezingen van volgend jaar beïnvloeden?
Ja, dat klopt. Niet alleen met onze duidelijke vragen inzake het binnenlands beleid. We willen ook aandacht voor het buitenlands beleid. Het wordt hoogtijd dat Vlaanderen zijn belangen ook verdedigt op Europees vlak. Dat is te weinig gebeurd. Daarnaast is er nog een derde doelstelling, die wat weggedeemsterd was: de belangstelling voor, de openheid naar en de solidariteit met de andere volkeren in de wereld.
Is het OVV als koepelorganisatie meer dan een papieren tijger?
De zwakte is dat we maar zo snel kunnen rijden als onze traagste wagon. In de jongste actualisering van de OVV-doelstellingen - vijf jaar geleden goedgekeurd door alle lidverenigingen - pleitte het OVV voor ‘een zo ruim mogelijke Vlaamse autonomie’, zonder te opteren voor een bepaalde formule.
Onder onze 46 lidverenigingen zitten er zowel separatisten als confederalisten en federalisten. Maar een ding is zeker: iedereen wil verder dan het huidige federalisme, iedereen wil meer autonomie, en dat is dan meten weer onze sterkte: mensen die minder ver willen gaan dan de radicalen kunnen we binnen de groep houden en stilaan evolueren in de goede richting.
Welk resultaat bereik je zo?
In sommige concrete dossiers is er zeker resultaat. Onze petitie voor het behoud van het Nederlandstalig karakter van het hoger onderwijs (meer dan 18 000 handtekeningen) zorgde ervoor dat we gehoord werden in en door het Vlaams Parlement. Resultaat was dat het ontwerpdecreet in de door ons gewenste richting is aangepast. In de eerste jaren (bachelors) kan voor 10% les in een andere taal (ontwerp: 20%); in de hogere jaren (masters) werd de schade beperkt tot een status-quo van de huidige toestand. Niet wereldschokkend, maar zonder onze actie was de situatie slechter geweest.
Ook in het debat over de taaltoestand in de Brusselse ziekenhuizen (vooral met VVB) en over de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde (vooral met Halle-Viloorde Komitee) speelden we een stimulerende rol.
Wie ontbreekt er in het OVV? Wie zit er niet op zijn plaats?
Links of rechts, het maakt niet uit. Wie onze doelstellingen onderschrijft is welkom, al worden ook de doelstellingen en statuten van de kandidaat-verenigingen wel opgevraagd.
Welke verenigigen zouden we er graag bij hebben? Ongetwijfeld het Willemsfonds, het Vermeylenfonds en het Masereelfonds. De twee eerstgenoemde verenigingen haakten af ten tijde van het Sint-Michielsakkoord, omdat ze toen geen vragende partij waren voor meer staatshervorming, onder meer inzake ten minste bepaalde onderdelen van sociale zekerheid splitsen (meer dan 60% van de finale begroting). Alle huidige verenigingen willen met name ten minste gezondheidszorg en kinderbijslag (de zogenaamde eerste peiler van de sociale zekerheid) regionaliseren.
Niet bepaald de hardste communautaire eisen...?
Maar in sommige aspecten toch eenduidig. Bij voorbeeld over de noodzakelijke splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde en over Vlaams territorium en grondgebied, is er een uitgesproken consensus. Die is er ook over de noodzaak om meer politieke macht te verwerven en over veel communautaire deeldossiers.
De radicaalste verenigingen stellen de onafhankelijkheid voorop?
Maar het OVV spreekt zich niet duidelijk uit over een onafhankelijk Vlaanderen of over een confederaal systeem. Die discussie gaan wij niet aan. Persoonlijk – ik spreek nu niet als OVV-voorzitter - vind ik die discussie een beetje tijdverlies. Ik ben ervan overtuigd dat, eens we de eerste peiler van de sociale zekerheid binnenhalen, er een serieuze bres wordt geslagen in de unitaire sociale zekerheid. Dan is de kans groot dat we ook de rest binnenhalen. En als we de sociale zekerheid in handen hebben, zitten we dicht bij de onafhankelijkheid. Dit debat is dus een kwestie van strategie.’
Of het de beste optie is om het einddoel – Vlaamse onafhankelijkheid - zonder omzien overal aan de muren te gaan plakken, daar twijfel ik aan. Zo verzwakt men de eigen achterban en stelt men zich bloot aan de zeemzoeterige tegenstrategie van de unitaristen. Hetzelfde geldt voor de houding tegenover de monarchie. Ik ben republikein, maar dit dossier in het midden gooien vertroebelt het hoofddoel. Ik ben dus meer voor de strategie van de deeldossiers. Wat niet wil zeggen dat het propageren van Vlaamse symboliek – wat Ivan Mertens doet men Vlaanderen Vlagt bij voorbeeld - geen goeie zaak zou zijn. Een groot deel van de bevolking lijkt daar niet tegen, vindt dat sympathiek zelfs.
Komt het OVV wel voldoende in beeld? Heeft de organisatie als drukkingsgroep niet aan macht ingeboet?
Vroeger werden na de OVV-vergaderingen steevast persnota’s verstuurd en die kwamen vaak ook in de pers, zelfs als er nauwelijks of geen nieuws in stond. Vandaag berichten de media bij voorkeur over “nieuws”, en ik begrijp dat.
Moeten we nu tevreden zijn over de impact van de Vlaamse Beweging?
Sommige ontvoogdingsbewegingen spelen alles of niets. De Ieren bij voorbeeld zijn met geweld onafhankelijk geworden. Maar je kunt ook alles verliezen. Ik ben een absoluut voorstander van geweldloosheid.
De Vlaamse Beweging is gestart op een moment dat de graad van onrechtvaardigheid extreem groot was: geen onderwijs in eigen taal, geen rechtspraak in eigen taal, kortom de toestand van het begin van de vorige eeuw. De werfkracht van een ontvoogdingsbeweging is des te groter naarmate de graad van onrechtvaardigheid ten opzichte van die beweging groot is.
Met een geweldloze strijd ga je stap voor stap vooruit. Eerst haal je de meest onrechtvaardige elementen binnen. Dat is een goede zaak, maar er is minder brandstof voor de motivatie.
Vlaanderen kreeg uiteindelijk een eigen Vlaams Parlement en een eigen Vlaamse regering, bevoegd voor onderwijs, cultuur, economie, etc... Op dat moment verwachtten velen dat de rest binnengehaald zou worden door die eigen instellingen. Maar dat parlement en die regering gedragen zich nu als vazallen van de federale regering. Onze hoop is niet ingelost en nu zien we uit naar welke tactiek we moeten gebruiken om de zaak terug op gang te trekken.
We luisteren...
Vooreerst moeten we de Vlaamse politici in zowel Vlaams als federaal parlement ervan overtuigen dat de Vlaamse bevoegdheden dringend moeten worden uitgebreid. Tegelijkertijd moet ook de Vlaamse bevolking beter geïnformeerd worden over het belang van beter bestuur, dat onmiskenbaar samenhangt met Vlaamse bevoegdheid inzake arbeidsmarktbeleid, kinderbijslagen en gezondheidsbeleid, pensioensbeleid, mobiliteit, justitie, enzomeer...
Samengevat: wat het de jongste tijd minder doet is het nationalistisch argument: het argument dat we moeten zelfbestuur hebben omdat we zelfbestuur moeten hebben. Wat het makkelijker doet, is het argument dat we er in Vlaanderen allemaal beter van worden als we de hierboven genoemde bevoegdheden in eigen handen krijgen.
In de promotie van onze eisen wordt efficiëntie van het bestuur een belangrijker argument dan het nationalistische argument. Die aanpak opent meer deuren.
Ook bij jongeren? Die zijn niet massaal aanwezig in het debat
Ik zei het al: hoe geringer en minder opvallend de onrechtvaardigheid wordt, des te kleiner wordt de wervingskracht.
Sommigen zullen dit niet graag horen?
Dat is de realiteit. Wanneer ik de zaken wil opentrekken naar Europa en naar de wereld toe, is dit ook om meer jongeren te bereiken en te mobiliseren. De idealistische ingesteldheid van de jeugd is vandaag niet kleiner dan een paar decennia geleden.
Die “open” aanpak zou ook de pers moeten interesseren, voor zover die haar objectieve voorlichtingsplicht wil invullen. Maar ook daar schort wel een en ander, zeker op radio en televisie. Daar moeten we een strategie ontwikkelen. De ingewikkeldheid van sommige dossiers bemoeilijkt de communicatie. Het OVV is alvast gestart met een “ronde van de media”. We willen onze zaak gaan verdedigen.
Leuven Vlaams is gewonnen met Cas Goossens, op de radio. Maar, om een recent “nieuwsfeit” te noemen – het verhaal van de nieuwe cijfers over de transfers naar Wallonië en Brussel – dat is daar helemaal niet aan bod gekomen. Ook de noodzakelijke splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde kreeg er geen aandacht.
Heel de discussie rond het cordon sanitaire en de Pro Flandria actie, zit daar iets in voor uw opvolger?
Het OVV is geen partijpolitieke koepel, maar allerlei verenigingen, van welke politiek kleur ook, zijn bij ons welkom als ze onze doelstellingen onderschrijven. Hetzelfde geldt in onze benadering van politieke partijen. Ook daarin maken we geen onderscheid. We delen onze eisen mee aan alle politieke partijen. De politieke slagkracht van Vlaanderen is maar maximaal als je geen partijen uitsluit. Als je begint aan uitsluiting op basis van maatschappelijke beginselen, dan weet je niet waar je eindigt. Meningen over bij voorbeeld euthanasie en abortus kunnen grondig uiteenlopen, ze mogen de samenwerking voor het Vlaams belang niet in de weg staan. Dat is het princiep van de Godsvrede: het opzij schuiven van ideologische meningsverschillen om meer Vlaamse doelstellingen te bereiken.
Zijn de bezoeken aan politici zinvol? Gaat het om meer dan een ontvangst uit beleefdheid?
Af en toe is er wel kritiek dat dit te slappe koffie is, zeker bij verenigingen die sneller willen gaan, maar de mensen die hun verstand gebruiken binnen die verenigingen, blijven erop aandringen. Op het feit dat het CD&V en VLD zich bekeerden tot confederalisme kun je schamper reageren en zeggen ‘ze menen het toch niet’, maar anderzijds is het toch weer een stap vooruit.
Wat zijn de grote uitdagingen voor uw opvolger, Boudewijn Bouckaert?
Verder bevoegdheden binnenrijven. We zitten nu in een periode waarin we te maken hebben met twee regeringen waarbij de wil tot verdere Vlaamse autonomie bijzonder klein is. Een groot gevaar voor de militanten, die ontmoedigd kunnen worden. Er is niets zo gevaarlijk voor een beweging als gekanker.
Realistisch, rustig en degelijk een onderbouwde campagne voeren, is de hoofdtaak. Campagnes die radicaal tegen bepaalde politieke partijen worden opgezet zijn voor het OVV niet de beste manier van werken. Wij sluiten geen enkele politieke partij uit, ook niet als die stommiteiten doen. Want ook in die partijen zitten flaminganten en ook die tref je met te harde campagnes. Dat is contraproductief, want ook die keren zich dan tegen u.
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.