Vlaanderen verdient politiek engagement
Het politieke debat gaat momenteel louter over herverkaveling van macht tussen partijen. Persoonlijke carrièreplanning is een van de hoofdbekommernissen van de huidige Vlaamse politieke klasse die het voor het zeggen heeft. De Vlaamse regering is daar het levende bewijs van: ze wordt nu voor de vijfde maal tijdens deze legislatuur herschikt. En er staat ons nog een zesde herschikking te wachten: Minister-president Dewael heeft reeds aangekondigd dat zijn toekomst niet in de Vlaamse, maar in de federale regering ligt.
Van de oorspronkelijke ploeg die in juli 1999 startte, zijn er nog drie ministers overgebleven. Er zijn in vier jaar tijd zeven nieuwe ministers aangetreden. Concreet betekent dit dat men bijvoorbeeld voor huisvesting reeds aan de vierde minister toe is, voor buitenlands beleid aan de derde minister, voor ontwikkelingssamenwerking eveneens aan de derde minister.
Continuïteit
Het is duidelijk dat dit nefast is voor de kwaliteit en de continuïteit van het Vlaams beleid. Initiatieven die door een minister worden opgezet, worden door zijn (of haar) opvolger niet voortgezet. Sterker nog: inhoudelijke beleidsconcepten wisselen elkaar af, hangen af van de persoonlijke inzichten van de minister. Iedere minister doet zijn of haar zin, zonder enige algemene coördinatie, zonder enig algemeen politiek concept voor Vlaanderen.
De Vlaamse regering voert onderhandelingen over haar regeerakkoord van 1999 zonder te kijken naar de uitdagingen van 2003. Welke prioriteiten heeft de Vlaamse regering t.a.v. de federale regeringsonderhandelingen vooropgesteld? Welke inspanningen heeft de Vlaamse regering gedaan om tijdens de laatste cruciale vergaderingen van de Europese Conventie – waar het gaat over de toekomst van Europa maar ook over de toekomst van Vlaanderen - de Vlaamse, politieke stem te laten horen? De laatste tijd gaan iedere dag 100 jobs verloren in Vlaanderen.
Welk antwoord heeft de Vlaamse regering daarop?
De huidige Vlaamse politieke klasse gaat niet langer voluit voor Vlaanderen. Een Vlaams project – dat noodzakelijkerwijze ook handelt over meer bevoegdheden, d.w.z. meer beleidsinstrumenten - is momenteel op geen enkel wijze voorwerp van politieke discussie. Ook in het Vlaams Parlement werd een inhoudelijk debat daarover door de Vlaamse meerderheid geweigerd. Een Vlaams project is nochtans nodig voor de welvaart en het welzijn van iedereen die in Vlaanderen woont.
Vlaanderen mag niet meer op de politieke kaart worden gezet. Dit wordt door de opiniemakers gemotiveerd met het cliché ‘dat de mensen daar niet wakker van liggen’. Dit is echter een doelbewuste strategie: door steeds te verkondigen dat het “instrumentaal” onderdeel van het Vlaamse verhaal de mensen niet interesseert, wordt een anti-Vlaams klimaat gecreëerd. Het wordt nog versterkt door een ander cliché dat door de Franstaligen – ik verwijs naar de open brief van PS-voorzitter Di Rupo – wordt gecultiveerd, met name dat al wie opkomt voor meer Vlaanderen het einde van een solidaire samenleving zou willen. Dat is niet zo.
De Vlaamse christen-democraten gaan voor een project waardoor doeltreffende, efficiënte antwoorden kunnen worden gegeven op de behoeften en verwachtingen van de mensen en van de sociaal-economische actoren. Wij gaan voor een Vlaams project voor Vlaanderen, maar niet tegen Wallonië. Integendeel : sterkere beleidsinstrumenten moeten in het voordeel zijn van zowel de Vlamingen als de Franstaligen.
Wij stellen vast dat niettegenstaande de tijdsgeest van commercialisering en libertaire vrijheid de mensen ook grote behoefte hebben aan veiligheid, geborgenheid en duidelijkheid. We kunnen daarom beter beginnen met onze overheidsorganisatie duidelijker en eenvoudiger te maken.
Confederaal
Het werd wetenschappelijk aangetoond dat welvaart gekoppeld is aan de kwaliteit van de overheidsinstellingen. Op dat laatste punt scoort België laag. Daar bovenop is er een gebrek aan vertrouwen van de mensen in de overheid. Daarom heeft CD&V gekozen voor een confederaal model voor België, met een volwaardige deelstaat Vlaanderen en een volwaardige deelstaat Wallonië en daarnaast een specifiek statuut voor Brussel en voor de Duitstaligen.
De basisbevoegdheden moeten bij de twee deelstaten liggen. We houden daarbij vast aan solidariteit met Wallonië, maar dan wel een solidariteit waar de mensen in Wallonië beter van worden. We kunnen immers niet anders dan vaststellen dat de huidige solidariteitsmechanismen dat doel vaak niet bereiken.
Vandaag, meer dan ooit, heeft Vlaanderen nood aan heldere, waarden-gebonden en toekomstgerichte keuzes en niet aan tijdelijke partijpolitieke strategieën, gedicteerd door strategen en communicatiebespelers. Waar het op aankomt is dat de bestuurskracht van Vlaanderen en Wallonië wordt verhoogd, zowel binnen België als binnen Europa. Daartoe heeft Vlaanderen sterke, krachtige politieke instellingen nodig. Dat is momenteel niet het geval. Vlaanderen verdient beter.
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.