De man van de maand: Ward Beyse
Doorbraak onderzoekt stelselmatig de aanwezigheid van politici in de geschreven Vlaamse pers. Ook in januari domineerden de paarsgroene politici. Jahjah werd vervangen als stoorzender door Beysen.
Met de verkiezingen voor de deur, dienen zich nieuwe kandidaat-vedetten aan. We pasten onze lijst daarom aan. Kris Van Dijck (N-VA) verdween, omdat hij amper de pers haalt. Voor zijn partij kwamen de advocate Helga Stevens en de Antwerpse lijsttrekker Bart De Wever. Inge Vervotte (CD&V) staat nu in de lijst en de vierde nieuweling, Ward Beysen, bleek meteen de winnaar van de maand.
Verhofstadt blijft domineren en scoort nog hoger dan de vorige maanden. VLD-voorzitter De Gucht wordt tweede (winst: 9 plaatsen) en ook op drie staat een liberaal, maar dan een afgescheurde: Ward Beysen. In november en december kreeg de pers niet genoeg van Jahjah. Die zakte in januari naar de 17de plaats, net voor Vandenbroucke (18de) en Anciaux (19de). Beysen neemt Jahjahs tweede plaats in. Onze pers besteedt dus wel aandacht aan oppositiepolitici, zowel van links (Jahjah) als rechts (Beysen). Maar dan wel naar aanleiding van spectaculaire gebeurtenissen.
De “echte” oppositiepolitici blijven ver achter de paarsgroene toppers sukkelen. Toch komt Stefaan De Clerck deze maand voor het eerst in de top-tien met een zevende plaats (elf plaatsen winst). De beginnende verkiezingscampagne brengt de voorman van de grootste oppositiepartij wat meer in de aandacht. Bourgeois stijgt licht (van 22 naar 20). Filip Dewinter zakt verder weg, nu naar de 29e plaats (negen plaatsen verlies).
Paarsgroen of regering
Heeft onze pers een bijzondere voorkeur voor paarsgroene politici of voor regeringspolitici? We maakten de vergelijking (drie politici per partij) tussen 2002 en 1998 voor de kranten De Morgen, De Standaard en De Financieel-Economische Tijd. Vier jaar geleden domineerden de CVP- en SP-mensen. Verhofstadt kwam als eerste opposant en haalde in vergelijking met Dehaene (=100) 24%. Ook Anciaux (VU/21%) en Verwilghen (VLD/18%) kwamen relatief nog behoorlijk aan bod. Dewinter moest het toen stellen met 8%. In 2002 haalde De Clerck in vergelijking met Verhofstadt (100) 18%, Bourgeois 14% en Dewinter 10%.
Volgens de opgestelde scores van de topdrie van elk partij was in 1998 CVP nummer één (=100), voor SP (63). De VLD kwam aan 30% van de CVP-vermeldingen. Vrij weinig, maar nog altijd meer dan de CD&V in 2002, met 22% (met Dehaene) of zelfs 19% (zonder Dehaene). In 1998 kwam CVP-voorzitter Van Peel aan 18% van Dehaene, in 2002 was De Gucht (VLD-voorzitter) goed voor 32% van Verhofstadt. Van Peel eindigde achter Verhofstadt en Anciaux, De Gucht duldt alleen regeringsleden voor zich en blijft ver voor alle oppositieleden.
Slotsom. Onze kranten hebben een uitgesproken voorkeur voor regeringspartijen (en in het bijzonder voor ministers), of het kabinet nu roomsrood of paarsgroen is. Maar de persaandacht voor de regering-Dehaene was niet zo overdonderend als die voor het kabinet-Verhofstadt. In 1998 kwam de oppositie er weinig aan te pas, in 2002 nog een stuk minder. Partijen die geregeld de krant willen halen, moeten deel uitmaken van de regering en dan nog liefst van een paars-groene. Opmerkelijk ten slotte dat de N-VA minder dan de helft van de aandacht krijgt die de Volksunie in 1998 kon opwekken en dat het Vlaams Blok nog minder aan bod komt dan vier jaar geleden.
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.